Prins Siddharta werd lang geleden geboren in India. Een wijze man had de koning en koningin verteld dat ze een zoon zouden krijgen die later ofwel een machtige koning zou worden of een soort meester die mensen zal leren om te leven op de juiste manier. Dit waren twee heel verschillende dingen en de koning hoopte op de eerste voorspelling. De koning besloot daarop  om de prins heel beschermd op te voeden, zodat hij nergens over na hoefde te denken.

Prins Siddharta groeide op binnen de paleismuren, weg van leed, pijn en verdriet. Nog nooit had de prins ouderdom, ziekte of pijn gezien. Tot hij op een dag door een klein deurtje in de muren rond de paleistuinen naar buiten glipte. Er ging een wereld voor hem open. Nog nooit had hij zoveel verschillende mensen, huizen, water en bruggetjes gezien. Ook zag hij een zieke man, een oude vrouw en een dode man. Nog nooit had hij dit gezien.

Hij ging, toen de schemering viel terug naar huis. Hij had zoveel om over na te denken! Dit had hij nog nooit meegemaakt. Hij vond het overweldigend, en fantastisch! Hij wilde nu de wijde wereld in trekken en alles over het leven te weten komen en leren. En zo geschiedde.

Hij verliet het paleis. Trok van stad naar stad. Hij dacht over alles zoveel na, dat hij soms vergat te eten en te drinken. Hij kwam er achter dat hij op een lege maag beter kon nadenken. Maar hij besefte dat vasten goed was, maar niet te veel en niet te lang.

Ook merkte hij op dat rust en stilte hem goed deed. Hij kon ‘s nachts, in stilte, beter nadenken. En zo kwam het dat hij ontdekte dat mensen genoeg rust en slaap moeten nemen.

Op een dag zat Siddharta onder een boom te mediteren. Plotseling werd hij omgeven door een stralend wit licht. Hij besefte toen dat hij op het juiste pad was.  Vanaf nu heet Siddharta Boeddha, wat “verlichtte” betekende. Vanaf dat moment leerde hij andere mensen om het juiste pad te volgen zodat ook zij nirwana konden bereiken